Black Orchid
McKean & Gaiman

DC Comics, 1991

Als lezer van superheldenstrips word je eens in de zoveel tijd geconfronteerd met het feit dat de superheld in handen is geraakt van de vijand. Niets om je druk over te maken, want de geschiedenis leert dat de superheld in de meeste gevallen de rollen wel weet om te draaien. Je gaat daarentegen wel wat ongemakkelijker in je stoel zitten draaien als je leest dat de vijand zich niet inlaat met allerlei ingewikkelde methoden om de superheld kwijt te raken, maar simpelweg de revolver tegen de slaap zet en afdrukt. Als de gewetenloze schurk dan ook nog de superheld in brand steekt - de kogel mocht eens niet voldoende zijn - rijzen de haren je te berge en denk je maar aan één ding: is mijn superheld nu echt exit? Niet bepaald opwekkend. Het is wél het begin van Black Orchid, een creatie van Neil Gaiman en Dave McKean.
Dit intro, maar vooral de teneur van de rest van het verhaal, doen me een beetje twijfelen of ik het woord "superheldenstrip" wel voor Black Orchid mag gebruiken. Ik denk het niet, alhoewel de heldin wel beantwoord aan een aantal kenmerken van de klasse der superhelden. De Black Orchid die vermoord wordt, vocht weliswaar tegen de georganiseerde misdaad, maar de Black Orchids die na haar ten tonele verschijnen zijn met een andere queeste bezig. Het verhaal van deze Orchids is meer een verhaal van persoonlijke rancune, het zoeken naar een levensdoel en het accepteren van leven en dood. Gaiman en McKean openen Black Orchid op een haast traditionele manier, maar voeren ons langzamerhand uit de werkelijkheid. Als lezer krijg je steeds meer de indruk dat je in een droomwereld terecht komt, overigens zonder dat de verbinding met de realiteit compleet verbroken wordt.
Black Orchid kent een bepaalde voorgeschiedenis die duidelijk wordt als we verder in het verhaal komen. De strip begint in feite jaren eerder, met het verhaal van de jonge, ambitieuze wetenschapper Phil, die werkt aan de realisering van zijn dromen. Een van die dromen is de creatie van plantmensen die kunnen leven op kooldioxide en die zuurstof kunnen uitademen. Deze zou hij naar het Amazonewoud willen sturen om die oude wereld daar te laten ontkomen aan absolute vernietiging. Lange tijd bleef dit voor deze wetenschapper een droom, tot het moment dat hij zijn oude liefde Susan tegen het lijf loopt. Susan is weggelopen bij haar man Carl, een wapenhandelaar. Carl ontsteekt in pure woede als hij dat hoort en doodt Susan. Phil neemt na haar dood wat van het genetische materiaal van haar weg en injecteert dat bij zijn orchideeën. Hieruit ontstaan dan zijn plantvrouwen, de Black Orchids. Meerdere plantvrouwen zien het licht en een daarvan zet zich - zie ook het begin van Black Orchid - in voor de bestrijding van de misdaad. De strip begint vanaf het moment dat deze Orchid gevangen wordt genomen, door een oude bekende uit de onderwereld: Lex Luthor. Als hij merkt dat er nog meer Orchids bestaan, opent hij de jacht op hen. En daarin is hij niet de enige: Carl heeft nog steeds wraakgevoelens ten opzichte van Phil. Bij een "bezoekje" aan Phil - deze wordt medogenloos uit de weg geruimd - ontdekt hij meerdere Orchids en merkt ook dat al deze planten uiterlijke kenmerken van Susan hebben aangenomen. Dat feit maakt hem helemaal paranoide, want hij dacht met zijn ontrouwe vrouw afgerekend te hebben en haar voorgoed te kunnen vergeten.
De Orchids, nauwelijks volgroeid, zien zich geconfronteerd met mensen die hun kwaad willen doen en kunnen niet meer terugvallen op hun geestelijke vader. Het enige wat hen rest is op zoek te gaan naar antwoorden (waarom bestaan wij? welk individu zijn we? waaruit zijn we voortgekomen?) en uit handen te blijven van hun vijanden.
De manier waarop Gaiman en Mckean ons het verhaal vertellen van idealen, en vragen over het bestaan is groots. De sfeer in Black Orchid is heel intens, vooral door het fenomenale tekenwerk van McKean. Tijdens de queeste van de Black Orchids worden we onder meer meegevoerd naar Arkham Asylum (McKean trakteert ons overigens in de graphic novel Arkham Asylum op een completer beeld), naar de moerassen van Swamp Thing en de rijke wereld van het Amazonewoudl Het zijn vooral deze passages (waar de realiteit plaats maakt voor de droomwereld) die uit de tekenpen van McKean vloeien. McKean werkt in Black Orchid - anders dan in zijn eerdere en latere werk - met traditionele hulpmiddelen: tekenpen, inkt en (prachtig) gebruik van kleuren. Scherpe lijnen van de tekenpen worden afgewisseld met kras- en spattechnieken die de tekeningen weer dat fraaie verloop geven naar hun omgeving. Ook de Orchids zelf zijn meesterwerkjes op zich. Zijn ze aan het begin van het verhaal nog strak en omlijnd, in de loop van het verhaal gaan ze steeds meer op in hun omgeving. Het is, alsof ze onderdeel worden van de hen omringende natuur. Ze staan er niet meer los van. Ze zijn bewust van hun identiteit en dat komt ook tot uiting in de kleur die McKean voor hen gebruikt op de laatste pagina's: dieppaars. Hun tocht naar een eigen persoonlijkheid is dan misschien niet helemaal afgesloten, maar ze zijn wel een eind op weg. Je zult je misschien afvragen: waarheen? Gaiman en McKean geven het antwoord op deze vraag weer in de drie subtitels van de verhalen en geven volgens mij meteen een mooi filosofisch antwoord op alle moeilijke vragen rond ons bestaan: One thing is certain. Going down. Yes.
Carl Bieker