Zwartkijken compleet
Franquin

Uitgeverij Arboris;; 80 p.; zwart-wit; slappe kaft

Ooit tekende André Franquin strips als Robbedoes, Ton en Tineke en Guust Flater. Inventieve en grappige verhalen over een wereld waarin de zon, ondanks een incidentele wolk, altijd schijnt. Maar wanneer Franquin opkeek van zijn vel papier, zag hij wel degelijk de donkere kanten van de wereld om hem heen. Om vervolgens een nieuw vel papier te pakken en zijn kenmerkende swingende "latex" tekenstijl om te zetten in een regen van vlijmscherpe zwarte lijntjes uit een dito pennetje. Zo ontstonden de pagina's, die later in Zwartkijken compleet zouden worden samengebracht.

Zwartkijken


Aan Zwartkijken compleet zit nog een ander verhaal vast. Dat is het verhaal over Franquin en Robbedoes-redacteur Yvan Delporte, die meer hun ei kwijt wilden in het blad. Dus namen ze in 1977 het initiatief voor de legendarische Franstalige Robbedoes-bijlage Le trombone illustré. De bijlage dankt haar faam met name aan Zwartkijken (Idées noires), dat er een prominente plaats in had. Franquin en Delporte leefden zich er uit in zwarte humor op een wijze die voor Robbedoes ongekend was. Overigens werd Robbedoes niet alleen met Zwartkijken verrijkt, maar trok Le trombone ook mensen als Tardi, Yann, Bilal en Moebius naar het eens zo onschuldige weekblad. Zoals te verwachten was, liep de bijlage nogal in het oog. Na dertig afleveringen verlangde men bij Robbedoes weer hevig naar de aloude braafheid en hield men Le trombone voor gezien. Daarop verhuisden de makers van de bijlage naar het tijdschrift Fluide glacial, waar Marcel Gotlib en Jean Roba het team van Le trombone versterkten, totdat deze in 1983 definitief verdween.
Hoewel Franquin niet als enige ideeën leverde voor Zwartkijken, zette hij de toon voor de reeks als geheel. Zijn onvrede met de wereld om hem heen, die in zijn persoonlijk leven tot een diepe crisis leidde, gaf Zwartkijken smoel. Zwartkijken compleet zet de menselijke stompzinnigheid, zoals Franquin die ervaarde, in haar volle glorie te kijk. Jagers krijgen de volle lading van hun eigen hagelschot, militairen gaan ten onder aan hun eigen grootheidswaanzin en voorstanders van de doodstraf zijn de eersten die op het schavot belanden. De zwarte kant van de werkelijkheid deed Franquins fantasie flink op hol slaan. Behalve in bittere maatschappijkritiek, leefde hij zich ook uit in minder realistische zwarte humor. Waartoe zou bijvoorbeeld de gepassioneerde tongzoen van twee geliefden kunnen leiden? Zouden beiden elkaar na verloop van tijd niet letterlijk opvreten? Of wat zou er kunnen gebeuren wanneer iemand een paraplu opsteekt? Bij Franquin grijpt het regenscherm als een volleerd roofdier zijn bezitter bij de pols en sleurt het hem mee de lucht in.
Vallen Franquins grappen allen onder de zelfde zwarte noemer te brengen, helaas zijn ze niet constant van uitwerking. Sommige ideeën worden opgeblazen om toch vooral een hele pagina te vullen en boeten zo aan kracht in. De clou van de grap laat zich dan al ruim voor het einde raden. Gelukkig zijn Franquins ideeën
doorgaans sterk genoeg om zich tegen dit bezwaar te kunnen verdedigen. Alleen had wat nu een overwinning op punten is, soms met gemak een volledige knock-out kunnen zijn.
Zwartkijken met Franquin is dus lachen, huilen van het lachen zelfs, maar pas wel op dat je er niet in blijft. Of zoals de opdracht voor in Zwartkijken compleet waarschuwt: voor je het weet, is als je na het lezen van Zwartkijken je ogen sluit, de duisternis die dan volgt nog van Franquin.
Toon Dohmen