|
Acacialaan: Pieter M. Dorrenboom De zesendertigjarige Rotterdamse tekenaar Pieter M. Dorrenboom bouwt langzaam aan een bescheiden oeuvre. Dat beslaat nauwelijks traditionele stripverhalen van meerdere pagina's, maar bijna alleen losse illustraties. Die maakt hij in opdracht of gewoon, omdat hij zin heeft om te tekenen. Het enige boekje dat hij op zijn naam heeft staan is Hysterische krabbels, een bundeltje bijzonder expressieve figuren dat in 1996 in eigen beheer verscheen. Dorrenboom oogt echter in het geheel niet hysterisch als ik hem spreek, eerder wat verlegen. Ook al noemt hij de tekeningen in het voorwoord zijn diepste zieleroerselen, hij vertelt dat hij juist extreem nuchter is. Waarom dan al die expressieve gezichten? "In die tijd was ik veel met mezelf bezig en op zoek naar een bepaalde richting. Het resultaat was nogal beladen. Toen ik daarmee klaar was en dat boekje heb uitgegeven, had ik daar verder geen behoefte meer aan." Dorrenboom heeft zijn hele leven in Rotterdam gewoond en bezocht daar ook een jaar de kunstacademie. "Na de Havo leek me dat een logische keuze, er ging immers geen dag voorbij zonder dat ik tekende. Maar de kunstacademie bleek een grote teleurstelling. Het was te veel op het kunstenaarschap gericht en te weinig op het leren van een vak. Na een jaar merkte ik dat ik liever de ambachtelijke kant van het tekenen wilde leren en ben ik gestopt met de academie maar wel voor mezelf blijven tekenen. De betaalde opdrachten kwamen langzamerhand en via via binnen. Een vriend van me speelde in de band Batmobile en in 1985 ontwierp ik een platenhoes voor hen. Sindsdien heb ik veel van hun platenhoezen ontworpen. Op die manier kwam ik in contact met Frits Jonker, met wie ik sindsdien veel heb samengewerkt.
|
||
|
meer in ZozoLala 123 |