|
Plogs:
elke dag een ei
Bijna iedereen kent het internetfenomeen blogs wel - afkomstig van
het woord weblogs. Politici gebruiken deze virtuele 'dagboeken' om hun
kiezers te bereiken, tieners om hun hartzeer te delen en wetenschappers
om hun methoden te openbaren. Ook stripmakers hebben nu de blog ontdekt
- of liever: de plog. Zo zijn na Floor de Goede en Tommy A. dit jaar
ook bekende namen als Jean-Marc van
Tol en Margreet de Heer aan het ploggen (stri-ploggen) geslagen.
Wat is zo'n plog precies? Waarin verschilt hij van de gewone blog? En
waarom tonen de ploggers hun kunsten niet meer gewoon op papier?
Hoe de plog wordt ingericht verschilt per tekenaar. Over het algemeen
gebruiken de makers een frisse, komische toon voor hun autobiografisch
getinte strips. Niet alle plogs gaan echter over de maker zelf. De onderwerpen
zijn meestal grappige gebeurtenissen, korte dialogen of overpeinzingen.
Zo bedenkt het hond-alter ego van Tommy
A. wat hij allemaal voor creatiefs kan uithalen met zijn rughaar.
En tekenen Margreet de
Heer en Floor de Goede
na een nogal stroef verlopen ontmoeting hun frustraties van zich af.
Bij het bezoeken van de sites valt op dat de ploggers geen geld proberen
te verdienen met reclamebanners of pop-ups. De strips zijn gewoon gratis
te bekijken en vaak kun je kosteloos leuke e-cards, wallpapers of icons
downloaden. De echte fans kunnen ook de gebundelde stripjes, t-shirts
of buttons bestellen, maar die zijn zo goedkoop dat zelfs daar weinig
aan verdiend zal worden.
Massa's
Het belangrijkste verschil tussen de plogs en de gewone' blogs
ligt natuurlijk in het gebruik van beeld boven woord. Daarnaast zijn
ze vaak zeer professioneel vormgegeven, als een soort glossy portfolio's
voor de tekenaars. Zowel bloggers als ploggers gebruiken hun site om
hun ei kwijt te kunnen bij een publiek, maar de stripmakers proberen
duidelijker dat publiek te behagen en kwaliteit te produceren.
Op zich is het publiceren van dagboekstrips natuurlijk niets nieuws;
denk aan de wekelijkse afleveringen die Maaike Hartjes voor de Viva
maakt. Internet biedt echter nieuwe mogelijkheden. Jonge stripmakers
kunnen goedkoop hun professioneel ogend product tonen aan de massa's.
Geen geklooi meer met kopieerapparaten om een slordig boekje te produceren
in een oplage van tien. Hoewel dat handgemaakte natuurlijk ook zijn
charmes heeft, hebben de striploggers dágelijks tientallen tot
honderden lezers van hun werk.
Vrijheid
Naast deze praktische voordelen biedt het internet ook nieuwe creatieve
mogelijkheden. Striptheoreticus Scott McCloud leverde in zijn stripessay
Reinventing comics (2000) al de theorie: internet voegt extra dimensies
toe aan de stripcultuur, zoals animatie, geluid en interactiviteit.
Zo gebruikt Jean-Marc van Tol animatie om een geschilderd portret van
een bekend neoconservatieve politicus in zeer snelle, nauwelijks te
ontwaren flitsen de Hitlergroet te laten brengen. Dit leverde veel commentaar
op van lezers die het ofwel geniaal, ofwel goedkoop amusement vonden.
Gelijk een mooi voorbeeld van interactiviteit dus. Een andere strip
van Van Tol die veel reacties opriep, was die van 8 april jongstleden.
Daarin vraagt hij zich af van wie zijn 1.500 pageviews komen. Hoe oud
zijn de bezoekers, wat doen ze, waar komen ze vandaan? Binnen een dag
stonden er op de site al 56 reacties van lezers die zichzelf voorstelden.
Het tekent de laagdrempeligheid van het medium internet. Ook de onderlinge
links wijzen daarop. Als een Fokke & Sukke-fan op Van Tols plog
terechtkomt, kan hij heel gemakkelijk doorklikken naar een tiental anderen,
die minder bekend zijn. Maar het allerbelangrijkste is misschien wel
dat een plog totale vrijheid betekent. De stripmakers kunnen dagelijks
van stijl wisselen, hardcore porno plaatsen, dagen helemaal niets op
internet zetten
zonder dat een zeikerige redacteur in hun nek
hijgt om dit te verbieden.
Ongeremd
Al deze mogelijkheden zorgen ervoor dat er in Nederland inmiddels een
behoorlijke ploggemeenschap is ontstaan. De ploggers linken naar elkaars
sites en verwijzen in hun strips naar elkaar. Zo vernoemt Jean-Marc
van Tol in zijn eerste strip Tommy A. en Floor de Goede als plogpioniers,
die hem op het idee brachten. Ook in de gastenboeken is te lezen dat
de ploggers elkaars ontwikkelingen op de voet volgen.
Behalve voor de auteurs zijn de plogs natuurlijk ook voor stripliefhebbers
aantrekkelijk. Dagelijks is er gratis een wagonlading nieuwe strips
te lezen, bekende en onbekende auteurs tonen ongeremd alle kanten van
hun werk. En je hoeft je niet eens te beperken tot meelezen alleen.
Op de site van Nozzman staat een handleiding hoe je zelf je eigen plog
kunt beginnen.
Jenny Jaffe
Tommy A.: Glunderen
Hoe kwam je erbij om te beginnen met een plog?
"Ik ben ermee begonnen omdat Floor de Goede al een tijd aan het
zeuren was dat ik het ook maar eens moest gaan doen. Ik was toen al
een tijdje tegen Floor aan het zeiken dat hij het helemaal verkeerd
deed. Om hem te jennen, maar ergens ook wel omdat ik er andere opvattingen
op nahoud. Voor mij zijn het verhaaltje en de clou ondergeschikt aan
het wezenlijk iets over mezelf zeggen en de sfeer in het algemeen. Het
hoeft niet haha-grappig te zijn om wel een grappige sfeer op te wekken."
Wat zijn je ervaringen met het striploggen tot nu toe?
"De verschillen met werken op papier werken blijven eigenlijk beperkt
tot wat kleine technische dingen. Je hebt bijvoorbeeld niet zo veel
tijd om te schaven. Als het niet direct lukt, heb je pech gehad. Een
voordeel is dat je van die dagelijkse tekeningetjes wel snel een stuk
beter wordt. Maar helemaal dagelijks publiceer ik niet, dus ik smokkel
er een beetje mee.
Het gekke met de reacties op de strips is dat de lezers meestal de minste
bijdragen het leukst vinden en omgekeerd. Bovendien is het onwijs stoer
als je plotseling complimenten krijgt van mensen die je zelf erg goed
vindt. Zo werd ik laatst gelinkt op de site van Scott McCloud en kreeg
ik een mailtje van Jhonen Vasquez. Nou, dat maakt je dag! Ik zit dan
al gauw een uur te glunderen."
Waar wil je met je site heen?
"Ik heb inmiddels een bundeltje gemaakt met mijn eerste twintig
strips: Een hondenleven. De verkoop is tot nu toe nihil, maar dat maakt
me niet zo uit. Ik heb het boekje gewoon gemaakt, omdat ik het zelf
in mijn handen wilde hebben. Die vijftig exemplaren raak ik uiteindelijk
wel kwijt. Als het me dankzij de plog lukt om een heel stuk beter te
worden, een publiek op te bouwen en mensen te leren kennen, ben ik al
tevreden. Maar uiteindelijk ga ik natuurlijk voor BN-erschap. Het is
een droom van me om aan Waku Waku mee te doen. Dat het programma inmiddels
niet meer bestaat, is bijzaak. Dat moeten ze tegen die tijd dan maar
weer in het leven roepen."
Jean-Marc van Tol: Loslaten
Je publiceert al heel veel. Waarom ben je daarnaast aan het ploggen
geslagen?
"Dat weet ik niet precies. Het zal een mengeling zijn van exhibitionisme
en behoefte aan uitdaging. Door het behoorlijk strakke stramien waarin
al mijn reguliere werk gegoten is, kan ik niet vaak experimenteren met
andere striptechnieken. Ik gebruik Poepoe vooral voor invalletjes, ideeën
en strip-achtige tekeningen die ik absoluut niet in mijn andere werk
kwijt kan. Toen ik ermee begon had ik nog het idee dat het vooral autobiografische
verhalen moesten zijn, maar daar ben ik snel van af gestapt. Uiteindelijk
valt er niet zoveel te vertellen over iemand die vooral achter zijn
tekentafel stripjes zit te tekenen."
Wat zijn de verschillen met je 'gewone' strips op papier?
"Het grootste verschil is dat ik economisch helemaal onafhankelijk
ben. Ik hoef met niemand rekening te houden en kan lekker experimenteren.
Strips op papier hebben altijd een restrictie: doordat ze gedrukt en
verspreid worden, moeten mensen er geld aan verdienen en mag je dus
geen poep maken als je daar toevallig een keer zin in hebt. Want dan
blijven stripwinkels met onverkoopbare shit zitten. Dat betekent dat
je je voor strips op papier aan veel meer conventies houdt. Veel van
die conventies kun je op internet loslaten."
Tot wat voor experimenten heeft het ploggen geleid?
"Tot nu toe heb ik vooral geëxperimenteerd met closure, zoals
Scott McCloud het noemt. Dat gaat over de relatie tussen de opeenvolgende
plaatjes en hoe dit het verhaal bepaalt. Op internet kun je daar heerlijk
mee uit de voeten, omdat je zowel qua ruimte (door het horizontaal of
verticaal scrollen) als qua tijd (met alternatieve plaatindelingen en
animatie) van alles kunt uitproberen. Daarnaast experimenteer ik ook
met kleurgebruik, tekenstijl en vertelwijze."
Beïnvloedt je plog je werk op papier?
"Ja. Ik heb eindelijk een strip ter hand genomen, die ik al jaren
wilde tekenen: Nieuwe informatie over de dood van President Oswaldo,
op tekst van Bastiaan Geleijnse. Zonder plog was ik daar hoogstwaarschijnlijk
niet aan begonnen. Nu is het leuk om een vervolgverhaal te hebben en
daar eens in de zoveel tijd eens een pagina van te tekenen."
Vereist het geen spartaans arbeidsethos om dit naast je andere werk
te doen?
"Dat wel. Maar het tekenen van iets als Fokke & Sukke vereist
sowieso al een spartaans arbeidsethos."
Kader: Clickies
De opkomst van de plog is niet onopgemerkt gebleven. Tijdens de eerste
editie van het webcomic-festival Clickburg, 1 mei jongstleden in Tilburg,
mocht Jean-Marc van Tol voor poepoe.nl al gelijk een Clickie - oftewel
een Clickburg Webcomic Award - in ontvangst nemen. "De tekenaar
van Fokke & Sukke zet al zijn ingesleten conventies overboord en
geeft het webcomic-medium frisse nieuwe impulsen," oordeelde de
jury. Naast Van Tol mocht ook digitaal multitalent Han Hoogerbrugge
een prijsbokaal in onvangst nemen voor zijn interactieve horroravontuur
Hotel (www.hoteloscartangoecholima.com), waarin hij de lezer door middel
van muisklikken medeplichtig maakt aan sinistere gebeurtenissen. En
ook Geza Dirks viel in de prijzen voor zijn serie cartoons voor de site
van de Volkskrant (zie www.geza.nu), waarin hij volgens de jury de mogelijkheden
van het internet optimaal benut door "op uitmuntende wijze"
gebruik te maken van animatie.
|