Sterft, oude vormen en gedachten!

Wie zegt de namen Otto Nückel, Giacomo Patri of István Szegedi Szuts nog iets? Het zullen nog maar weinig mensen zijn. Waar auteurs als Thomas Ott en Eric Drooker internationaal veel lof oogsten met hun tekstloze strips op schaafkarton, zijn hun inspirators veelal in de vergetelheid geraakt. Hun werk is nog maar slecht verkrijgbaar. Aan het begin van de vorige eeuw omzeilden veel auteurs de internationale taalgrenzen met hun tekstloze beeldverhalen voor volwassenen, waarin ze via houtsneden hun socialistisch geïnspireerde gedachtengoed uitdroegen: een soort Internationale in hiërogliefen. Maar met de veranderende politieke verhoudingen en doordat beeldverhalen alleen nog met humor en kinderen werden geassocieerd, taande de interesse. Met de auteurs stierf ook het genre van de houtsnedenstrip uit.

Frans Masereel, die naam zegt veel mensen nog wel iets. De Belgische illustrator en houtsnedekunstenaar was de eerste die aan het eind van de Eerste Wereldoorlog zo'n beeldroman publiceerde. In 1918 verscheen zijn houtsnedestrip 25 images de la passion d'un homme, een socialistische, pacifistische variant op het lijden van Christus, waarin een gewone man opkomt voor zijn rechten en dat met de dood moet bekopen.

Het tekstloze boek wordt behalve in Frankrijk ook in Duitsland uitgegeven. De kosten voor de uitgever zijn relatief laag, omdat alleen de omslag aanpassing behoeft. Verschillende herdrukken volgen. Maar met Masereels tweede houtsnedestrip, Mon livre d'heures uit 1919, begint het succes pas echt. In de eerste jaren worden van het boek in heel Europa meer dan 100.000 exemplaren verkocht. In de jaren twintig zal Masereel nog diverse houtsnedestrips maken, waarvan Le soleil, Histoires sans paroles, Idée en La ville het bekendste zijn.

In die periode komt de jonge Amerikaan Lynd Ward studeren aan kunstacademie in Leipzig. Zijn Duits is slecht, maar de tekstloze boeken van Masereel die hij onder ogen krijgt, begrijpt hij maar al te goed. Het werk maakt grote indruk op hem. De politiek geëngageerde Ward (hij was gedurende zijn leven actief in diverse pacifistische organisaties en zijn vader was een linkse dominee die opkwam voor de onderdrukten) besloot na zijn terugkeer in de Verenigde Staten ook houtsnedestrips te gaan maken. In 1929 verscheen zijn eerste en bekendste werk: Gods' Man, een moderne variant op Faust waarin de hoofdpersoon een contract sluit met het kapitalistische kwaad en tevergeefs probeert zijn lot te ontlopen. Hoewel het boek een week na de grote beurskrach verschijnt, verkoopt Ward er nog zo'n 12.000 van. Een redelijk succes dat hij met zijn latere houtsnedestrips niet meer zal evenaren.

 
 

meer in ZozoLala 147