Thorgal: Eclecticisme in hapklare brokjes

Met het negenentwintigste album, Het offer, is er een periode afgesloten voor de populaire stripreeks Thorgal. Scenarist Jean van Hamme houdt ermee op en heeft de avonturen van de eeuwig zoekende hoofdpersoon tot een zodanig einde gebracht, dat zijn opvolger Yves Sente de reeks op een andere manier kan voortzetten. Wanneer komend najaar het nieuwe deel verschijnt, zal de serie vooral draaien om de avonturen van Thorgals zoon Jolan.
Met Het offer heeft ook tekenaar Grzegorz Rosinski een nieuwe start gemaakt door zijn vertrouwde tekenstijl in te wisselen voor een nieuwe, waarbij hij gebruik maakt van gouachetechnieken. Tijd dus om terug te blikken op een van de populairste strips van de afgelopen vijfentwintig jaar en een verklaring te zoeken voor het succes.

Zelf heeft schrijver Jean van Hamme geen eensluidende verklaring voor het verkoopsucces van Thorgal. Na een aanvankelijk wat moeizame start, werd de reeks in de jaren tachtig almaar populairder en werden er van elk nieuw deel honderdduizenden exemplaren verkocht. "Succes is niet meer dan een gelukkig toeval," zei hij daarover in een recent interview in het Belgische blad Focus Knack. "Er bestaat geen wiskundige of magische formule voor. Waarom kopen miljoenen mensen De Da Vinci-code en worden andere, niet minder slecht geschreven thrillers door geen kat gelezen? (…) Je kunt alleen vaststellen dat het grote publiek op een bepaald moment om God weet welke reden op zo'n verhaal zit te wachten."

Volgens Van Hamme heeft hij met zijn andere verkoopsucces, Largo Winch, geprobeerd de tijdgeest aan te voelen door in het yuppie-tijdperk een serie te starten over het grootkapitaal, maar waren XIII en Thorgal toevalstreffers. Toch is dat maar een deel van de waarheid, want zowel voor Dan Browns De Da Vinci-code als voor Van Hamme's Thorgal geldt dat ze op het moment van verschijnen wel degelijk aansloten bij de contemporaine mode in de populaire cultuur. Waar Browns boek meegolfde op een al langer aanzwellende stroom lectuur, strips en films over roomse complotten, Opus Dei en de Orde van de Tempeliers, daar kwam de thematiek voor Thorgal eind jaren zeventig ook niet uit de lucht vallen. Van Hamme verstaat de kunst de interesse van het publiek voortdurend aan te voelen. Vooral in Thorgal, waarin hij als scenarist meer vrijheid had om van genre te wisselen dan in XIII en Largo Winch, paste hij de verhalen voortdurend aan aan de nieuwste mode.

 
 

meer in ZozoLala 152