Van eigenzinnig werk tot XIII: de mooie vrouwen van Berthet

Het werk van de Franse striptekenaar Philippe Berthet is meteen herkenbaar: lange vrouwen in sexy jurken met hoge split, mannen met gleufhoeden en grote Amerikaanse auto’s. Met zijn helder-realistische stijl maakte Berthet (1956) begin jaren ’80 deel uit van een nieuwe, progressieve generatie aanstormend talent. Bij het grote publiek maakte hij meer dan tien jaar na zijn debuut furore met de avonturenreeks Pin Up. Maar zijn oeuvre omvat meer dan schaars geklede schoonheden. Vanuit zijn lichte atelier in de Brusselse deelgemeente Vorst blikt de auteur terug en vooruit.

Bijna al uw albums spelen zich af in de Verenigde Staten, in de eerste helft van de vorige eeuw. Wat heeft u precies met dat land en die periode?

„Eigenlijk niks. (lacht) Het is puur toeval dat dat zo gebeurd is. Het sluit in elk geval wel goed aan bij de voorliefdes die ik had als adolescent. Ik was echt verslingerd aan de Amerikaanse film noir van de jaren ’30 tot en met ’50. En die spannende misdaadfilms hebben mijn verbeelding constant gevoed. Nu je ’t zegt: het is inderdaad zo dat ik – toeval of niet – steeds weer uitkom bij scenaristen die dezelfde voorkeur voor die periode hebben. Mensen met wie ik dezelfde fascinatie kan delen. Het gaat me dus niet zozeer om de Verenigde Staten, maar wel om een verbeelde versie van dat land. De P.I. Van Hollywood – een van de eerste strips die ik maakte – speelde zich tegen dat decor af. Maar het was scenarist François Rivière die me dat toen had voorgesteld. Zo ging de bal aan het rollen.”

Waarom maakt u niet zelf uw scenario’s?

„Toen ik bezig was met mijn striptekenaaropleiding aan Saint-Luc te Brussel, realiseerde ik me al heel vroeg dat ik niet zo’n goeie scenarioschrijver ben. In het begin deed ik dus vooral beroep op kameraden als Andréas, Philippe Foerster en Antonio Cossu, met wie ik ondermeer Dreigende jaargetijden, Het oog van de jager en De ideeëndealer heb gemaakt. Vanaf het moment dat ik voor het weekblad Robbedoes begon te werken, kreeg ik regelmatig een scenariovoorstel. Tegenwoordig heb ik het nog gemakkelijker, dankzij de bekendheid die ik intussen geniet. Ik hoef maar zelden iemand op te bellen om om een verhaal te vragen. Ik verkeer nu in de comfortabele positie dat ik kan kiezen wat ik verstrip. Momenteel ben ik aan de slag met een jonge scenarist, Fred Duval. Hij is vooral bekend door zijn reeks Travis, uitgegeven in Frankrijk bij Delcourt. Dat kwam eigenlijk omdat ik graag eens iemand anders wou, met een heel eigen toon, een andere manier van vertellen zeg maar.”

 

 
 

meer in ZozoLala 162