| |
Niklas Asker: ‘Niets is wat het op het eerste gezicht lijkt’
Bijgedachten is zo’n strip die in de enorme stroom nieuwe titels gemakkelijk verloren raakt. Pocket-formaat, sobere omslagtekening, zwart-wit binnenwerk, niet iets wat direct opvalt. Het is niet te hopen dat veel lezers het boekwerkje daardoor over het hoofd zien, want het is een verrassend sterk debuut van de 30-jarige Zweed Niklas Asker dat het verdient gelezen te worden.
door Hans van Soest
Bijgedachten gaat over een fotograaf die op het Londense vliegveld Stansted een portret schiet van een dame in een wachtruimte. Zij blijkt een schrijfster die net als de fotograaf een persoonlijke crisis doormaakt. De kortstondige ontmoeting inspireert beiden hun leven weer op te pakken. „Ik schreef het verhaal een paar jaar geleden toen ik van alles meemaakte in mijn leven,” vertelt Asker. „De eerste versie stamt al uit 2002. De basis is een zielig liefdesverhaal, gebaseerd op mijn eigen ervaringen uit die periode. Ook ik zat in een relatie die maar doormodderde. Net zoals de hoofdpersonen uit Bijgedachten stelde ook ik me de vraag: wanneer is het nog de moeite waard om te vechten voor een relatie? Ik besloot uiteindelijk het meisje te verlaten, maar kreeg later spijt. Vandaar de titel: Second thoughts, zoals het boek oorspronkelijk heet.”
Maar de liefdesgeschiedenis was slechts een kapstok voor Asker om een zwaarder thema aan op te hangen waar hij naar eigen zeggen al langer iets mee wilde doen: wat doet een verhaal met je? Asker: „Ik wilde verhalenverteller worden, maar toen ik begon met Bijgedachten, zat ik nog midden in mijn studie en wist eigenlijk niet meer zo goed wat ik precies wilde. Waarom waren verhalen zo belangrijk voor me? Verhalen kunnen je leven inspireren, maar omgekeerd kan je leven ook inspireren tot een verhaal. Uiteindelijk is dat waar Bijgedachten echt over gaat. Het plot is uiterst simpel. Een auteur ontmoet iemand die haar inspireert tot een nieuw boek. Dat personage vindt dat boek en begint het te lezen zonder te weten dat het over hem gaat. Fictie en werkelijkheid beginnen zo door elkaar heen te lopen.”
Asker is pas sinds kort fulltime striptekenaar. Hij studeerde aan een van de twee stripscholen die Zweden rijk is. Hij publiceerde wat kort werk in internationale bladen als Stripburger, maar verdiende de afgelopen vijf jaar zijn brood voornamelijk met illustratiewerk. Daarnaast schilderde hij en had hij de nodige exposities. „Ik had eigenlijk nauwelijks tijd om aan strips te werken,” zet hij. „Bijgedachten is mijn eerste echte strip. Gek genoeg is het nog niet in het Zweeds verschenen. Dat gebeurt waarschijnlijk eind dit jaar. Ik maakte het rechtstreeks voor de Amerikaanse markt. Uitgeverij Top Shelf gaf me de kans Second Thoughts bij hen uit te brengen. De Nederlandse uitgave vind ik echter mooier. Een net iets groter formaat en beter papier.”
Door het album bij Top Shelf sleepte Asker ook meteen zijn eerste commerciële stripopdracht binnen. Het komende jaar werkt hij voor Random House Books, voor wie hij en verstripping maakt van de sciencefictionroman City of Ember van Jeanne Duprau, die twee jaar terug ook verfilmd werd. „Het moet volgend jaar af zijn: 140 pagina’s in kleur. Dat wordt doorwerken.”
„Veel lezers zijn na het lezen van Bijgedachten in verwarring,” vertelt Asker. ,,Dat sterkt mij in de gedachte dat het boek geslaagd is. Ik wil dat je Bijgedachten dichtslaat zonder meteen te snappen wat je gelezen hebt. Wat is nu echt gebeurd en wat was een passage uit het boek van de vrouwelijke hoofdpersoon? Ik wil dat de lezer zelf verbanden legt tussen alle informatie die hij gekregen heeft, terugbladert en dan pas het grote verhaal ziet. Een schrijver moet dat overlaten aan de lezer en niet alles voorkauwen. Ik houd zelf ook niet van schrijvers of filmregisseurs die dat doen. Er moet ruimte zijn voor eigen interpretatie.”
Asker leest zelf nauwelijks andere strips, zegt hij. Als jongeling is hij wel geïnspireerd door buitenlands werk: „Heavy Metal, Robbedoes, Kuifje en het werk van Dave McKean. Later las ik vooral boeken. Ik ben dol op het werk van Paul Auster en Jonathan Safran Foer, En op de films van regisseur Krzysztof Kieslowski of scriptschrijver Charlie Kaufman, die verantwoordelijk was voor films als Eternal Sunshine of the Spotless Mind en Being John Malkovich.”
Hij heeft met Bijgedachten de lezer ook geen duidelijke boodschap willen meegeven. „Mensen kunnen er zelf mee aan de slag. Als er al een boodschap in zit, dan is het dat er aan alles meerdere kanten zitten. Dingen zijn niet altijd wat ze op het eerste gezicht lijken.”
Bijgedachten is een van de weinige Zweedse strips die in het Nederlands is vertaald. Binnenkort verschijnt ook een Italiaanse editie, maar veel werk komt niet over de Zweedse taalgrens heen. „Er worden wel Zweedse strips in andere Scandinavische landen uitgegeven, maar daarbuiten is het inderdaad karig,” vertelt Asker. „Zoals in elk klein taalgebied, kun je bij ons alleen van je strips leven als je óf heel commercieel werk maakt óf ook voor de buitenlandse markt werkt. Veel collega’s werken aan Donald Duck of aan de erg populaire kinderstrip Bamse, het sterkste beertje van de wereld (in 1966 begonnen door Rune Andreasson, red.). Daar zijn vijf of zes mensen continue aan bezig. In Zweden verschijnt echter heel veel moois. De Amerikaanse uitgeverij Top Shelf vist er een paar mooie dingen uit, maar het merendeel blijft onvertaald. We hebben inmiddels twee stripopleidingen. Toen die begonnen, dacht iedereen: die leiden jongeren op voor werkloosheid. Maar de markt is sindsdien beter geworden voor stripauteurs. Beeldverhalen krijgen meer aandacht in de pers. De interesse is gegroeid. Maar het is nog wel moeilijk.”
Nu heeft hij tijdelijk een inkomen door zijn project voor Random House Books, maar de afgelopen jaren was het sappelen voor Asker. „Ik moest heel veel uren draaien. Overdag werkte ik als illustrator en schilder. ’s Nachts en in het weekeinde werkte ik aan mijn strips.”
Die ervaring heeft hij wel als een groot voordeel ervaren. „Ik heb altijd kunnen tekenen en me dus verder bekwamen. Maar illustreren is wel een andere manier van denken dan stripsmaken. Je moet een verhaal vertellen in één beeld of in een reeks van beelden. Ik vind het overigens allebei geweldig om te doen, ik wil niet een van beide disciplines opgeven.”
Als tekenaar gebruikt Asker geen foto’s of modellen. Hij heeft zich getraind om alles uit zijn hoofd te schetsen. „Daarmee heb ik me voor Bijgedachten echter wel in de nesten gewerkt. Het verhaal speelt zich af in Londen en daar was ik nog nooit geweest. Ik heb dus veel films gekeken en fotoboeken doorgebladerd. Maar niks nagetekend. Ik bekeek het, deed er even niks mee en tekende vervolgens de sfeer na op papier. Als je het té realistisch maakt, té gedocumenteerd, dood je de tekening.”
(Bovenstaand interview verscheen door een opmaakfout in verminkte vorm in de papieren versie van ZozoLala)
Bijgedachten verscheen bij uitgeverij Sherpa: 80 p, zwart-wit, slappe kaft, € 9,95

Zweedse stripinvasie
De Zweedse cartoonist Lars Vilks haalde de wereldpers met zijn Mohammed-tekeningen. Maar veel andere voorbeelden van Zweedse stripmakers zal de gemiddelde lezer niet kunnen noemen. Behalve Olle Berg dan die een paar jaar geleden bij Stichting Zet.El zijn Nederlandse debuut kende met het hilarische Bonk. Toch – Niklas Asker zei het al – bloeit de stripcultuur als nooit tevoren in Zweden. Voor wie de Zweedse taal niet machtig is, biedt de Amerikaanse uitgever Top Shelf uitkomst. Onder de titel Swedish invasion vertaalde het enkele alternatieve Zweedse strips in het Engels. Een van de meest toegankelijke titels is Hey Princess van Mats Jonsson. Het is een autobiografische strip waarin Jonsson in komische anekdotes verhaalt over zijn schooltijd, verhuizing naar de grote stad en zijn worsteling voor een plekje in het leven.
The Troll King van Kolbeinn Karlsson is een surrealistisch sprookje over dwergen die getransporteerd worden naar andere universa, levende wortels en behaarde woudbewoners. 120 Days of Simon van Simon Gardenfors beschrijft de reis die de auteur vier maanden lang maakte door Zweden. Hij had zichzelf tot doel gesteld nog langer dan twee nachten op de zelfde plek te blijven. Hij couch-surfte op boerderijen, dronk enorme hoeveelheden alcohol en werd in elkaar geslagen.
Ook verschenen bij Top Shelf: From the Shadow of the Northern Lights, een tweedelige bundel met verhalen uit het Zweedse striptijdschrift Galago, samengesteld door uitgever Johannes Klenell. Het bevat korte strips van onder anderen David Liljemark, Marcus Ivarsson, Mats Jonsson, Knut Larsson, Kolbeinn Karlsson, Liv Strömquist en Loka Kanarp.
Bij uitgeverij Fantagraphics verschenen twee bundels van de populairste krantenstrip uit Zweden: Rocky van Martin Kellerman. Kellerman werd in het voorjaar van 1998 gedumpt door zijn vriendin, raakte zijn baan kwijt als cartoonist bij een pornoblad en moest zijn appartement uit. Hij besloot een stripje te maken over een hond die door zijn baasje op straat geschopt wordt. Binnen de kortste keren stond zijn semi-autobiografische humorstrip in diverse Scandinavische dagbladen.
Geïnteresseerden worden ook bediend met het overzichtsboek Swedish Comics History van Fredrik Strömberg. De schrijver trekt een lijn van de oude gravures van de Vikingen tot aan de moderne Zweedse strip: $ 19,95, Top Shelf Productions. |
|