Munoz' liefde voor de verkeerde vrouw

Critici prijzen zijn werk de hemel in, maar het grote publiek laat het links liggen. Zo gaat het al twintig jaar bij José Muñoz. Het werk van deze Argentijn sleept overal ter wereld prijzen in de wacht en wordt door veel jongere stripauteurs als grote invloed genoemd, maar zelf kan Muñoz er geen belegd brood mee verdienen. Onlangs verscheen de Nederlandse vertaling van het vierde deel van Alack Sinner, de serie die hij maakte op scenario van Carlos Sampayo. Over goede strips die zichzelf niet altijd verkopen.

,,De meeste mensen die mijn werk kennen, kennen vooral Alack Sinner. Toen ik samen met Sampayo het personage bedacht, stelde ik voor hem Sinner te noemen. In een woordenboek vonden we de naam Alack, wat zoiets betekent als 'arme ik', waardoor de naam van ons personage werd: ik arme zondaar'. De wereld is vergeven van strijd, oorlog en moord. Eigenlijk is het simpele gegeven dat je leeft al een zonde. Alack Sinner staat symbool voor de mens die zich bewust is van die wereld om zich heen.''
José Munoz wordt in 1942 in Buenos Aires geboren. Hij doorloopt de kunstacademie, waar hij onder andere les krijgt van Alberto Breccia en in contact komt met Hugo Pratt. Het werk van beide auteurs heeft door de grove lijnvoering en de scherpe zwart-wit contrasten grote invloed op het latere tekenwerk van Muñoz. Hij begint zijn carrière met het maken van pulpstrips voor de Argentijnse en Britse markt. In 1972 vertrekt Muñoz naar Europa om zich creatief verder te ontwikkelen. Daar leert hij zijn eveneens geëmigreerde landgenoot Sampayo kennen, met wie hij in 1974 Alack Sinner schept.
,,Argentinië was getekend door politiek geweld en dictatuur. Iedere vorm van cultuur en creativiteit was gedood. Ik ben geen optimist, de mens is zo dom, we begrijpen goede ideeën als socialisme niet. De paranoïa in de verhalen van Sampayo en mij, is rechtstreeks afkomstig uit de situatie die wij aan den lijve hebben ondervonden. Maar daarnaast zit dat pessimisme ook in ons Argentijnen zelf, denk ik. We zijn allemaal wat zwaarmoedig. Luister naar de tango. Ik kon als kind al genieten van de triestheid van Chandlers Philip Marlowe. De blanke Argentijnen zijn van oorsprong emigranten, die mijmeren veel. Net als ik, ik ben nu ook weer een emigrant.''
Het is die zelfde Philip Marlowe die als voorbeeld diende bij de creatie van de figuur Alack Sinner. In de eerste verhalen is hij nog een stereotype hard-boiled detective in een zieke wereld. Pas in de verhalen die volgen, ontwikkelt de serie zich verder op het psychologisch vlak en wordt het karakter van Sinner rijker en rijker. Hij vecht minder tegen de kanker in de maatschappij als tegen de ziekte in zichzelf en kan zich uiteindelijk nog maar amper staande houden.

,,De verhalen spelen zich af in New York, de ware hoofdstad van de huidige wereldmacht. Ze verwoorden onze Buenos Aires-gevoelens. New York speelt bijna een mythische rol in de verhalen, zoals Gotham City in Batman. Vijftig etnische groeperingen leven er samen of eigenlijk niet. New York is een belediging van de menselijke waardigheid. Het is een hel. De moeder van Alacks kind heet niet voor niets Enfer (Frans voor hel, red.). In de figuur van de dochter kon ik veel persoonlijke ervaringen kwijt over de relatie met mijn dochter die na de scheiding bij haar moeder is gaan wonen. Maar dat er veel persoonlijke dingen in de strip zijn verwerkt, wil niet zeggen dat Alack Sinner een afspiegeling is van Sampayo en mij. Hij is eerder een moderne Elkerlyck. Hij moet voortdurend morele keuzes maken.''
De bijfiguren uit Alack Sinner komen terug in een andere, parallel lopende serie van Muñoz en Sampayo: Joe's Bar. Op hun beurt figureren de personages uit Joe's Bar weer in Alack Sinner. Ook in deze tweede serie verwerken de auteurs veel persoonlijke ervaringen. Zoals in het verhaal Pepe de architect, over een illegaal in Amerika verblijvende Zuid-Amerikaan.
,,In dat verhaal schetsen wij het emotioneel niemandsland waarin de hoofdpersoon verkeert. Hij kan niet terug naar zijn eigen land, maar is ook niet vrij in het land waar hij nu is. Sampayo en ik hebben allebei meegemaakt hoe dat voelt. Toen we eenmaal in Zuid-Europa aankwamen, belandden we in een gebied waar onze voorouders vandaan kwamen, een gebied met de zelfde culturele achtergrond, met de zelfde taal. Maar toch werden we niet geaccepteerd, voelden we ons er niet thuis. Door onze samenwerking, de dingen die we maakten, konden we orde scheppen in onze gevoelens. Zo hebben we het hoofd boven water gehouden.''
Het werk van Muñoz is doorspekt met markante koppen waar hij naar eigen zeggen dagelijks op straat van in vervoering kan raken. Zo is de hoofdpersoon in zijn album Lichtspel geïnspireerd op het gezicht van de schrijver Samuel Beckett. Met het uiterlijk van Alack Sinner heeft de tekenaar lang geworsteld. Zijn gezicht was oorspronkelijk gemodelleerd naar dat van de acteur Richard Burton. Muñoz: ,,Dat hoofd stond me aan, maar op papier werkte het niet. Het paste niet bij ons figuur. Daarna hebben we hem meer laten lijken op Steve McQueen en Charles Bronson. Maar die kop stond me weer alleen aan als ik hem en face tekende. Pas in het derde verhaal vond ik een profiel dat bij hem pastte. Mijn tekenstijl was toen ook nog helemaal anders. Mijn tekeningen zijn de laatste jaren helderder geworden, simpeler. Waar ik tegenwoordig in één lijn een figuur kan neerzetten, daar had ik er vijftien jaar geleden nog vier voor nodig. De kunst van het weglaten, zoals Pratt dat ook zo goed kon.''
Die ontwikkeling is duidelijk te zien voor wie de verschillende verhalen in de reeks Alack Sinner naast elkaar legt. Is de strip aanvankelijk nog realistisch getekend, later wordt de tekenstijl van Muñoz steeds expressionistischer. Steeds meer laat hij de lijnen op het papier het verhaal vertellen. ,,Als je een figuur een ziel wilt meegeven, wordt de tekening vanzelf expressionistisch. Ik verafschuw die strips die aan de lopende band gemaakt worden door broodtekenaars, die hard werken maar hun figuren geen enkele persoonlijkheid meegeven. Ik verlang veel van mijn lezers. Mijn verhalen moet je vaak meerdere malen lezen, wil je alles mee krijgen. Mensen zeggen wel eens tegen me: maak het toch niet zo moeilijk, het is maar strip. Maar zij begrijpen het niet. Natuurlijk is strip een geschikt middel tot verpozing, maar het kan ook een prachtige manier van expressie zijn. Mijn verhalen geven mijn lezers vaak een ongemakkelijk gevoel. Zo ongemakkelijk, dat ze mijn boeken niet kopen. (lacht)''

Vijf jaar geleden stopten Muñoz en Sampayo hun samenwerking, omdat 'ze samen alles hadden gezegd wat ze te zeggen hadden'. ,,Daar komt bij dat onze verhalen nou niet bepaald bestsellers waren. Sampayo was ook een beetje moe van het gebrek aan waardering dat de strip kreeg, dat het niet als serieuze kunstvorm werd gezien. Ik zei dat we dat toch niet zelf in de hand hadden, maar hij was gedesillusioneerd door het gebrek aan interesse van het publiek in de dingen die wij maakten. Het werd ook steeds moeilijker om van dit soort werk te leven. Hetzelfde zie je bij allerlei andere kunstvormen. Voor verstrooiing is nog markt, maar niet voor maatschappijkritiek zoals in Alack Sinner.
En hoewel we gestopt zijn met de strip, ben ik niet anders tegen de wereld aan gaan kijken. Ik zie nog steeds niet veel verbetering als ik de politieke situatie van nu vergelijk met die van twintig jaar geleden. De mens is nog steeds een beest. Ik kan het niet anders zien. Ik ben nu eenmaal niet in de wieg gelegd voor moderne manager of reclamejongen, ik ben een lastpost. De maatschappij draait alleen nog om consumptie. We kopen verzadiging om te vergeten dat we het leven niet zelf in de hand hebben. Maar ik denk nog steeds dat we meer zouden kunnen dan dat. Dat we moeten proberen beter te zijn, het kwaad wel degelijk aan te pakken.''
Het laatste project van Muñoz dateert uit de nadagen van het maandblad (A Suivre), een zwart-wit strip op scenario van Jerome Charyn, getiteld Le croc du serpent. Het verhaal gaat over een vrouwelijke politie-inspecteur die op zoek gaat naar haar in het drugsmilieu verzeild geraakte broer. Hoewel het gegeven anders doet vermoeden, is Le croc du serpent een weinig geïnspireerd avonturenverhaaltje zonder enige diepgang, dat slechts doet verlangen naar een hernieuwde samenwerking met Sampayo.
,,Het is niet waarschijnlijk dat we de draad van Alack Sinner nog zullen oppakken'', zegt hij hierover. ,,Wel denken we erover samen met een Argentijnse collega een boek te maken over de tango. Geen pure strip, maar eerder een mix van literaire verhalen, tekeningen en strippagina's. We zijn allebei heel enthousiast over het idee. Niet alleen omdat het veel creatieve vrijheid biedt, maar ook omdat we allebei wat willen doen met onze Argentijnse roots. Maar waarschijnlijk zal het wel weer niet verkopen.''
Muñoz lacht als hij de laatste zin uitspreekt. Hij is gewend geraakt aan het gegeven dat hij niet kan leven van zijn strips. ,,Maar dat geeft niet. Ik kom rond omdat ik naast mijn strips ook illustratiewerk doe. Dat is prima zo. Ik hecht niet aan veel luxe. Luxe houdt voor mij in dat ik vrij ben in de dingen die ik wil maken.''
Over zijn samenwerking met Sampayo zei Muñoz ooit dat ze waren als een homoseksueel paar, maar dan met de ruzies en zonder de geneugten. Was de samenwerking met Charyn dan een vorm van overspel? ,,Eigenlijk wel. Toen Carlos voor het eerst voor een andere tekenaar schreef, was ik ook jaloers. Belachelijk hè? Maar samenwerken met Charyn was heel prettig. Drie jaar geleden hebben we elkaar ontmoet en kwam hij met het voorstel een scenario voor me te schrijven. We werkten op afstand, op de klassieke manier: hij schreef, ik tekende. Het was koel en afstandelijk. Samenwerken met Sampayo was het tegenovergestelde. We kwamen altijd samen om de verhaallijn te bespreken, de karakters en hun uiterlijk. Beide manieren van samenwerken hebben zo hun voordelen. Charyn en ik zullen nog wel eens iets samen doen, al wordt het waarschijnlijk geen verhaal met de zelfde personages als in Le croc du serpent.''
Zowel de hoofdpersoon uit dit verhaal als Alack Sinner maken geen rationele keuzes. Ze proberen het goede te doen. De tragiek in deze verhalen is dat de hoofdpersoon voor een keuze gesteld wordt die moreel juist is, maar die hem of haar alleen maar problemen en hartzeer brengt. ,,In ons leven komt die keus iedere dag terug. En keuzes maken doet pijn. Maar het maakt het verschil tussen een onbenul zijn met een makkelijk leventje of een mens die zijn hart volgt. Zo worden verstandige mensen geen stripauteur. Als je geld wilt verdienen of erkenning zoekt als kunstenaar, kun je beter iets anders gaan doen. De liefde moet wel heel sterk zijn, wil je net als ik trouwen met de verkeerde vrouw.''

De in Italië woonachtige Argentijn heeft geen voorkeur voor een van de strips die hij heeft gemaakt. Bij ieder werk heeft hij wel iets waarvan hij achteraf denkt dat het beter zus of zo gemaakt had kunnen worden. Het eerste verhaal waarover hij tevreden kon zijn, was Viet Blues. Maar gevraagd naar zijn favorieten, praat hij liever over de personages die hij het meest geslaagd vindt: Alack Sinner, zijn vriendin Enfer en hun dochtertje, die nog regelmatig komen bovendrijven in zijn gedachten. Tekenend voor een auteur bij wie de hoofdpersonen belangrijker lijken dan het verhaal waarin zij optreden.
,,Het verhaal is nodig om het karakter van de hoofdpersoon te laten ontwikkelen. Maar op zijn beurt beïnvloedt de hoofdpersoon weer het verloop van het verhaal. Ik werk niet altijd met een klassieke anekdote, maar laat het verhaal soms vertellen door dat wat de hoofdpersoon meemaakt. Maar wat is een verhaal? De filmer Jean-Luc Godard zei ooit dat een verhaal een begin moet hebben, een middenstuk en een eind, maar niet per se in die volgorde. Daar ben ik het wel mee eens.''

U hebt een strip gemaakt over blueszangeres Billie Holiday. Was het niet moeilijk te werken met een bestaand karakter?
,,Extreem moeilijk. Te meer omdat Sampayo en ik allebei grote fans van haar waren. Ik word altijd gehypnotiseerd door mensen met zoveel talent. Door hun talent liggen ze overhoop met zichzelf, maar ze volgen hun hart en dat vind ik mooi. Daarnaast wilden we ervoor waken dat we niet het stereotype beeld neerzetten van de kunstenaar die moet lijden. Dat is namelijk onzin. Ook ik lijd in beperkte mate, maar dat komt mijn werk ten goede. Je mag niet zo wanhopig worden, dat je professionaliteit erdoor wordt aangetast. Er moet gewerkt worden. Ik ben het vertrouwen in het leven niet verloren.''

Maar wordt u nooit eens zo wanhopig over het gebrek aan commercieel succes dat u toch overweegt iets toe te geven aan de smaak van het grote publiek, al was het maar door voor een toegankelijker tekenstijl te kiezen?
,,Nee, ik zou het misschien wel kunnen, een mooi in het oog liggende realistisch getekende strip maken. Maar misschien zou ik het ook niet kunnen. Ik wil in mijn werk toch een bepaalde expressie kwijt. En hoe je het ook wendt of keert, dan kom je automatisch uit bij een abstractere tekenstijl. Maar vind je die zo lelijk dan?''

Pieter van Oudheusden en Hans van Soest

Van José Muñoz verscheen tot nu toe in het Nederlands (in samenwerking met Carlos Sampayo):
Alack Sinner 1: De zaak Webster (uitgeverij Sherpa)
Alack Sinner 2: Viet blues (uitgeverij Sherpa)
Alack Sinner 3: Twinkle, twinkle (Uitgeverij Sherpa)
Alack Sinner 4: Dark city (uitgeverij Sherpa)
Verhalen uit Joe's bar 1: Mister Conrad & Mister Wilcox (uitgeverij Sherpa)
Lichtspel (uitgeverij Zet.El)

 

 
 

meer in ZozoLala 134