De Bloedbruiloft
Hermann en Van Hamme
Uitg. Dupuis; 72 pl; kleur; harde kaft 26,50/BF 485; slappe kaft
10,95/BF 195
"Wanneer de scenarist van 'Largo Winch' de tekenaar van 'Jeremiah'
ontmoet" kondigt een luxe folder het album De Bloedbruiloft ronkend
aan. Ja, wat dan? Hermann en Van Hamme zijn inderdaad twee van de grootste
namen van de Europese strip. Met de series Jeremiah en De torens van
Schemerwoude vestigde Hermann zijn naam, die hij echter met het gros
van zijn one-shots niet waar wist te maken. Van Hamme is verantwoordelijk
voor de scenario's van bestsellers als Thorgal, XIII en Largo Winch.
Bij zoveel samengebalde kwaliteit in een stripboek zijn de verwachtingen
wel hooggespannen. En die worden nog verder opgevoerd, want voor de
strip begint, krijgt de lezer eerst nog een voorwoord, een voorstelronde
van alle personages en een curieus krantenbericht over 'een met garnalen
gevulde tomaat, die veantwoordelijk is voor vier doden' voorgeschoteld.
Dominique Cazeville en Jérôme Maillard zijn in eerste instantie
de hoofdpersonages van het verhaal. De twee zijn pas getrouwd en hun
families zullen aan de huwelijksdis aanschuiven. De setting is een hotel/restaurant
op het afgelegen Franse platteland, zoals we dat kennen van de reclamespotjes.
Al in die eerste platen worden enkele dingen duidelijk: de familie van
de bruid is rijk, maar bestaat uit lompe, boertige grootgrondbezitters
waar de familie van de bruidegom op neerkijkt. Ook zal seks een belangrijke
rol spelen, omdat opa al direct zinspeelt op de borstomvang van de moeder
van de bruid.
Als iemand tijdens het voorafje opmerkt dat de garnalen niet helemaal
vers zijn, krijgen de heetgebakerde Jean Maillard en de kok slaande
ruzie. Als de gasten willen vertrekken zonder te betalen, krijgt de
kok een rode waas voor de ogen. Hij gijzelt een aantal gasten, waarop
de ruwe boerenfamilie, die toevallig een kofferbak vol geweren bij zich
heeft, het restaurant belegert.
In het gefortificeerde hotel lopen de spanningen hoog op. Iedereen lijkt
te worden geplaagd door een overdosis hormonen. De ene versiertruc volgt
op de andere vechtpartij, zonder dat iemand zich echt druk lijkt te
maken om de gijzeling. Waarna we vervolgens weer een kijkje nemen bij
de belegeraars, waar hetzelfde probleem speelt. En zo gaat het voortdurend
heen en weer tot de gewelddadige ontknoping.
Het thema van belegering en gijzeling werd door Hermann vaak gebruikt
in zowel Jeremiah als in De torens van Schemerwoude. Ook is de gouden
combinatie seks & geweld Hermann niet vreemd, maar in dit album
draait het alleen daar om. Het futiele dispuut over een paar bedorven
garnalen en de daaropvolgende buitenproportionele reactie, komt in eerste
instantie over als absurde humor, zoals uit de films van Buñuel,
maar al snel wordt duidelijk dat het een zwak excuus is om er op los
te rammen. De aanvankelijke toespelingen op de verschillen tussen de
familie raken nog verder ondergesneeuwd doordat iedereen alleen maar
aan seks denkt.
Van Hamme heeft een Franse western geschreven voor Hermann, maar het
was juist interessant geweest als deze eens met ander materiaal had
gewerkt. Eigenlijk zijn alle Hermann-verhalen qua structuur westerns.
De inbreng van superscenarist Van Hamme had hier verandering in kunnen
brengen, maar dit is niet het geval. Nu is zijn naam op de cover van
De Bloedbruiloft overbodig, want zo'n verhaal had Hermann zelf ook kunnen
bedenken.
Goed, seks en geweld zijn voor de meeste striplezers bezwaren, die lachend
terzijde worden geschoven en (zoals de uitgever waarschijnlijk van tevoren
al had bedacht) zowel fans van Hermann als van Van Hamme zullen dit
boek dan ook niet links laten liggen. Het tekenwerk van Hermann is natuurlijk
meer dan herkenbaar en net als de meeste van zijn laatste albums prachtig
ingekleurd. De voorstelronde in het begin van het boek is toch wel handig,
want zoals zo vaak bij Hermann lijken al die koppen op een gegeven moment
nogal veel op elkaar. Als Hermann en Van Hamme elkaar ontmoeten, krijg
je dus een nieuwe, iets mindere, Hermann, want in De Bloedbruiloft is
de invloed van Van Hamme nergens terug te vinden. (Gerard)
|
|